Leeglopen

Leeglopen

Hij legt een kussen op mijn borstkas en zegt: ‘En nu rustig uitblazen.’ Keurig volg ik de instructies  van mijn fysiotherapeut op, maar het voelt toch wat ongemakkelijk. De laatste keer dat ik op commando moest uitblazen was tijdens de dikkebuikenfitness  in voorbereiding op wat sommige vrouwen de mooiste en meest spirituele ervaring van hun leven noemen. Niet mee eens, al is het resultaat van al dat gepuf en gedoe wel het allermooiste  en allerbeste wat me ooit is overkomen. Maar dat terzijde.

Er hangt dus een man boven me die me helpt om mijn longen te laten leeglopen

Door mijn gestreste manier van doen en ademhalen zijn mijn longen te veel opgeblazen en dat gaan we aanpakken. Ze moeten terug naar normale proporties. Terwijl ik tien tellen probeer uit te blazen hangt hij naar mijn gevoel met zijn volle gewicht op het kussen op mijn borstkas om er extra lucht uit te persen. En hij telt. De eerste keer red ik geen tien tellen. We doen het nog een paar keer en dat gaat beter. Ik haal zelfs elf tellen –geeft zich zelf een schouderklopje–. Eigenlijk is het zo’n bizar tafereel dat ik daarna zo moet lachen dat de tranen me in de ogen springen. Geeft niets want adem is emotie, aldus de fysiotherapeut.

Ook krijg ik opdrachten mee:

  • ga elke dag een half uur wandelen, weer of geen weer
  • koop een yogamatje (wat ik hiermee moet doen, komt ‘ie de volgende keer op terug)
  • doe zeven keer per dag de ‘leegloopoefening’

En ik moet aan timemanagement gaan doen.

Prioriteiten stellen en bijhouden hoeveel tijd de dingen me kosten. Zo krijg ik meer inzicht in wat ik doe, dat ik dat ook echt doe en de tijd die ik daar aan besteed. Die orde in mijn chaos zal zorgen voor wat meer rust in mijn lijf en leven. ‘Want,’ zo verzekert hij me, ‘als je doorgaat zoals nu kom je in een burn out terecht’.

Zo moet ik plotseling weer van alles, je zou d’r bijna stress van krijgen

Maar dat valt reuze mee. Straks ga ik braaf dertig minuten wandelen…. in de stromende regen….. en ik laat mezelf weer lekker een paar keer leeglopen.

Over een week heb ik een afspraak voor nog meer lucht.

Advertentie
Verborgen gebrek

Verborgen gebrek

‘Eigenlijk moet ik wel een beetje om je lachen’, zegt de huisarts als ik bij hem aan tafel zit. Ik heb net al stuiterend verteld over mijn stress. Over het gejaagde gevoel in mijn lijf, het gevoel dat mijn hart uit mijn borstkas knalt zelfs als ik in ruststand ben. Dat ik midden in de nacht bijna in paniek wakker word, dat ik zoveel vergeet, me niet kan concentreren en dat ik de hele dag doodop ben. Nou dat dus.

We hebben het over mijn werk. En over zijn dochter die ook eigen baas is en die met dezelfde spanningen kampt.

‘Vrouwen maken zich druk over dingen waar ze geen invloed op kunnen uitoefenen’, zo constateert hij. Dan meet hij mijn bloeddruk op. Die is dik in orde. Vervolgens maakt hij een hartfilmpje met een ingenieus apparaatje dat hij om mijn vinger schuift. ‘De hartslag is prima, maar het getal daarnaast baart mij zorgen. Dat is veel te hoog,’ aldus de dokter. Fijn! Gevolg is een gevalletje klamme handen als bonus.

Of ik weet wat hyperventilatie is. Ja, dat weet ik wel.

Dan moet je in een plastic zakje ademen of zo. Dat er nog een andere vorm is, wist ik niet. En daar blijk ik last van te hebben, namelijk verborgen hyperventilatie. Net  wat voor mij, zo’n verborgen gebrek. Aan de buitenkant merkt niemand het, alleen heb je zelf last van een heel scala aan vervelende klachten. Duizeligheid, verstrooidheid, onverklaarbare vermoeidheid, tintelende voeten, gedachtenmalen en een algemeen slapgevoel. En het gevoel dus dat je hartklachten hebt. Dit wordt veroorzaakt door de te lage koolzuurwaarden in het bloed.

Mijn chronische veel te veel ademhalerij wordt veroorzaakt door stress.

Het advies van mijn dokter is daarom tweeledig:

  •  Ademhalingstherapie bij een fysiotherapeut
  • Je niet druk maken over dingen waar je geen invloed op kunt uitoefenen (mijn arts is man, dus die ziet dit wat anders en vindt dit ook heel logisch).

Dat laatste punt is goed voor discussie want hij is man en ik vrouw

Allebei weten we dat we daarom anders omgaan met ‘je wel of niet druk maken over  iets’. Eens worden we het  niet, maar ik heb wel wat verhelderende inzichten opgedaan die ik vandaag eens even lekker op me laat inwerken. En mijn dokter? Ik denk dat die in de pauze nog wel even nagniffelt over ons gesprek.